< Terug naar overzicht

Moestuin plannen voor 2026

Vooruitblik op het komende tuinjaar

Het komende jaar belooft weer een mooi moestuinseizoen te worden, vol groei — van planten én van mensen. We zijn onze acht tuinvakken van tien bij tien meter opnieuw aan het inrichten. Elk vak bestaat uit zeven langwerpige bedden met daartussen paden van houtsnippers, zodat we overal goed bij kunnen zonder de bodem te betreden. Zo houden we de structuur van de grond luchtig en gezond, want we spitten niet: de natuur doet hier het echte werk.

Door het hele jaar heen blijven we werken met mulch: laagjes organisch materiaal die we over de bedden verspreiden. Dat is niet alleen goed voor het bodemleven en het humusgehalte, maar ook een eenvoudige manier om uitdroging en onkruid te voorkomen. In 2025 zijn we begonnen met het toevoegen van bladcompost, karton en wormencompost; die bodembehandeling zetten we in 2026 voort. Onze regenwormen zijn druk in de weer om er hun eigen koninkrijk van te maken, en dat is precies wat we willen: een levende bodem die zichzelf in balans houdt.

Qua teelt blijven we trouw aan de gewassen die zich bij ons thuis voelen, zoals kolen, wortels, sla, aardappels en pompoenen. Gewoon de betrouwbare soorten waar we allemaal wat mee kunnen. Tegelijk proberen we in de bedden meer variatie aan te brengen: van zoveel mogelijk gewassen zetten we verschillende rassen neer, zodat er spreiding is in oogsttijd, smaak en weerstand tegen ziekten. Daarnaast hebben we twee extra vakken van tien bij tien meter ingezaaid met bloemen. Die trekken bijen en andere bestuivers aan, helpen plaaginsecten te verstoren en maken het tuinwerk simpelweg een stuk vrolijker.

Schijnbare chaos in de moestuin

Op één van de bedden experimenteren we met groenteteelt volgens het principe van schijnbare chaos. Op het eerste gezicht lijkt het misschien een rommeltje: allerlei groentes en bloemen door elkaar, zonder strakke rijen of vakjes. Maar achter die “chaos” zit juist een heel doordacht plan. Groente telen volgens schijnbare chaos betekent dat verschillende plantensoorten bewust gemengd worden, zodat ze elkaar versterken in geur, kleur, vorm en hoogte. Deze aanpak bevordert de biodiversiteit, bootst natuurlijke plantengemeenschappen na en maakt de tuin veerkrachtiger.

De methode is geïnspireerd op het werk van Frank Anrijs, die laat zien hoe belangrijk plantencombinaties zijn. Insecten zoeken hun voedselplanten vaak op kleur- en geurvlakken. Een voorbeeld is het koolwitje, dat onscherp ziet en vooral op grote groene vlakken afgaat. Pas als kleur, geur en smaak precies kloppen, legt het eitjes op een koolplant. Door verschillende planten door elkaar te zetten, raakt dat zoekpatroon verstoord en is de kans op plaagvorming kleiner. Wat er misschien rommelig uitziet, is dus een slimme vorm van plaagpreventie.

Voor dit bed is een zorgvuldig zaaiplan gemaakt, gebaseerd op zes principes: geur, kleur, vorm en textuur, grootte, ritme en herhaling (golven) en tijd (zaai- en oogstmomenten). Het vak van tien bij tien meter is verdeeld in zeven langwerpige bedden van tien meter lang en ongeveer 1,20 meter breed. Elk bed is vervolgens onderverdeeld in vier “eilanden”, met per eiland een eigen ontwerp en gewascombinatie. Zo ontstaan per rij vier verschillende zaaipatronen, die we gedurende het jaar kunnen volgen, vergelijken en verbeteren.

In 2026 willen we actief ervaring opdoen met deze manier van telen. Dat vraagt om een consequente werkwijze volgens het zaaiplan én om regelmatige momenten van terugkijken: wat werkt goed, waar lopen we tegenaan, wat kunnen we bijstellen? Ter ondersteuning willen we per eiland eenvoudige leaflets maken, met een plattegrondje en korte uitleg. Zo kan iedereen die in de tuin werkt, snel zien wat waar staat, wat het idee erachter is en hoe ermee om te gaan.

Natuurlijk tuinieren als rode draad

Natuurlijk tuinieren is de rode draad in alles wat we doen. Het betekent dat we proberen mét de natuur te werken in plaats van ertegenin. In plaats van kunstmest en bestrijdingsmiddelen kiezen we voor een rijke bodem, veel verschillende planten en ruimte voor insecten, vogels en ander leven. Een gezonde mix van planten, insecten en microleven zorgt voor evenwicht, waardoor ziekten en plagen minder kans krijgen. We zien de moestuin als een levend systeem waarin alles met elkaar samenhangt — van de kleinste bodembacterie tot de bloemrijke rand waar hommels zoemen.

Daarom blijven we inzetten op het verhogen van het organische-stofgehalte in de bodem en op een goede bedekking van de grond. Mulch, blad, compost en plantenresten zijn voor ons geen afval, maar bouwstenen voor een rijk bodemleven. De aanplant van bijvoorbeeld Russische smeerwortel helpt daarbij: het is een sterke plant met veel bladmateriaal dat uitstekend geschikt is als mulch en voeding voor de bodem.

De kruidentuin: van bodem tot kopje thee

Naast de groentebedden heeft ook de kruidentuin het afgelopen jaar een flinke vernieuwing doorgemaakt. De afgelopen jaren stonden de kruiden keurig in rijen, maar in de praktijk bleek de zware kleigrond met natte winters een uitdaging voor veel mediterrane soorten. Veel planten, zoals tijm en lavendel, kwamen met moeite de winter door of startten het groeiseizoen met een flinke achterstand. Bovendien zorgde de hoge grasdruk voor veel extra onderhoud. In het voorjaar van 2025 hebben we daarom het roer omgegooid en het kruidenvak opnieuw ingericht.​

Om de waterafvoer te verbeteren, zijn er verhogingen aangelegd met oude sierstenen en is de kleigrond op verschillende plekken gemengd met scherp zand. Zo is een meer lemige bodem ontstaan, die beter water doorlaat en in de winter minder nat blijft. Zonneaanbidders als tijm, oregano, lavendel, salie en dragon staan daardoor veel droger en hebben betere overlevingskansen. Door het vak heen loopt nu een diagonaal houtsnipperpad, zodat je letterlijk tussen de kruiden door kunt wandelen en alles van dichtbij kunt bekijken.​

Het assortiment in de kruidentuin is flink uitgebreid. Naast vertrouwde soorten als rozemarijn en dille groeien er nu ook dragon, laurier en de indrukwekkende kardoen en artisjok. Strikt genomen zijn die laatste twee groenten, maar ze vormen tegelijk prachtige blikvangers in het kruidenvak. Daarnaast is er een apart deel ingericht voor vaste planten die dienen als basis voor theemelanges, zoals venkel, zonnehoed, dropplant en fuchsia, waarvan de eetbare bloemen ook nog eens heerlijk zijn in salades. Zo combineren we smaak, gezondheid en biodiversiteit in één vak.​

Met de opening van de ontmoetingsruimte is een langgekoesterde wens in vervulling gegaan: thee van eigen erf schenken. Daarvoor volgen we twee sporen. Voor verse thee oogsten we direct uit de tuin, bijvoorbeeld verschillende soorten munt en verveine. Voor gedroogde thee hebben we een apart vak ingezaaid met dille, boekweit, korenbloem, goudsbloem en kamille, aangevuld met andere bloemen en zaden die zich goed laten drogen. Bij de poel is bovendien zo’n vijftien meter moerasspirea aangeplant; we houden komende tijd goed in de gaten hoe deze zich ontwikkelt, zodat de bladeren en bloemen volgend jaar in onze theemengsels gebruikt kunnen worden.​

De ervaringen van het afgelopen jaar nemen we mee naar 2026. Een van de successen was het gebruik van wilde aardbeien als bodembedekker in het kruidenvak. Zij houden de onkruiddruk verrassend goed in toom en zorgen tegelijkertijd voor een vrolijke en eetbare onderlaag. In het nieuwe seizoen willen we deze bodembedekker verder uitbreiden over het hele vak en de lege plekken opvullen met extra soorten kruiden en bloemen. Om bezoekers én vrijwilligers te helpen bij het herkennen van de — soms best onbekende — planten, plaatsen we bordjes van hergebruikte leitjes, beschreven met watervaste krijtstift. Tot slot verhuizen de planten voor de verse thee, zoals munt, bergamot, dropplant en verveine, naar de rand van het vak. Zo zijn ze vanuit de ontmoetingsruimte makkelijk te bereiken en is de stap van tuin naar kopje thee nog kleiner.

Leren, ontmoeten en meedoen

Een belangrijk doel voor het komende jaar is om samen te blijven leren. We willen verschillende momenten organiseren waarop we kennis delen over composteren, zaaien en planten, mulchen en het herkennen van nuttige insecten. De moestuin is niet alleen een plek om te oogsten, maar ook om te ontdekken, te experimenteren en elkaar te inspireren. Fouten maken mag; dat hoort net zo bij groeien als zon en regen.

Er is altijd ruimte voor nieuwe mensen in de tuin. Iedereen die graag meedoet, is van harte uitgenodigd — of je nu elke week komt helpen of af en toe een ochtend mee wilt draaien. Er is altijd wat te doen, van zaaien tot oogsten en van wieden tot kletsen bij de koffie. Ervaring is niet nodig; een beetje nieuwsgierigheid en plezier in buiten werken is genoeg. Samen maken we er een plek van waar veel groeit — niet alleen groenten, maar ook ontmoeting, kennis en gezelligheid.

De oogst is bedoeld voor de activiteiten van BosNodig én voor de vrijwilligers die hier wekelijks met hart en handen aan de slag gaan. Het plezier van samen tuinieren, elkaar ontmoeten langs de bedden en aan het eind van de ochtend met een bos verse sla of een pompoen naar huis gaan, blijft de kern van waar we het allemaal voor doen.

We zijn elke woensdag van 9:00 tot 12:00 uur aanwezig op de tuin en vanaf het voorjaar één keer per maand op zaterdagochtend. In de agenda op de website staat de meest actuele informatie. Wie een keer vrijblijvend wil komen proeven van het tuinwerk — of gewoon even wil komen kijken — kan mailen naar moestuin@bosnodig.nl.

Met gezond vertrouwen, groeiende plannen en een hoop enthousiasme kijken we uit naar het komende seizoen. De aarde ligt klaar, de bedden zijn bedacht en de zin is er al volop. Laat het voorjaar maar komen!